terug naar Nootdorpse Plassen | openingspagina Initiatiefgroep | archief nieuwsbrieven | ind@datadelft.com

Bezwaarschriften Nootdorpse Plassen

Pleidooi tegen streekplanherziening dd. 25-8-04 | bezwaarschrift tegen streekplanherziening dd. 4-5-04 | bezwaarschrift tegen ontwerp bestemmingsplan dd. 31-03-2003

Pleidooi tegen de streekplanherziening aangaande de strook aan de noordkant van de Nootdorpse Plassen - 25 augustus 2004

1. Het is tamelijk bizar dat GS een gedragslijn uit de Vijfde Nota RO, nl. het binnen de rode contour halen van volkstuinen e.d., gebruikt om de verlegging van de rode contour te verdedigen. Dit college heeft toch al de nota Ruimte omarmd lang voordat die in de Tweede Kamer is geaccordeerd?

2. Bovendien is te betwijfelen of de strook met de volkstuinen "een ruimtelijke eenheid" vormen met het nieuwe stedelijk gebied. Het toepassen van deze gedragslijn verkrijgt zo een willekeurig karakter.

3. Deze willekeur komt ook tot uiting in het feit dat slechts de HELFT van de bewuste strook binnen de rode contour wordt gehaald. De provincie laadt hierdoor sterk de verdenking op zich dat zij de onverantwoordelijke projectontwikkeling &endash; nl. BUITEN het Ypenburgse plangebied &endash; als een voldongen feit aanvaardt en daarmee beloont. Dát is nu eenmaal ontwikkelingsplanologie, of is het gelegenheidsplanologie?.

4. Het binnen de rode contour halen van de bewuste strook betekent volgens de provincie allerminst dat er verstedelijkt wordt. GS zegt te vertrouwen op een goede afweging binnen het nieuwe betemmingsplan. Dat vertrouwen is merkwaardig, zeker in dit geval, omdat het een publiek geheim is wat de projectorganisatie wil. Men vraagt zich af waarom überhaupt rode contouren nodig zijn bij al dit vertrouwen.

5. Op het belang als zodanig van een belanrijke buffer- en overgangsstrook tussen de nieuwe stadswijk en de Nootdorpse Plassen zijn wij eerder uitgebreid ingegaan. Wij gaan er blindelings van uit dat de provincie die noodzaak &endash; althans in woorden &endash; onderschrijft.

6. De rode contour in het streekplan van 2003 is getrokken langs de begrenzing van het Ypenburgse plangebied. Dat is ook het gebied dat in 1996 is geMERd. In dat plangebied is bewust rekening gehouden met een flinke afstand tot de Nootdorpse Plassen. Het is bedenkelijk dat het plangebied door de projectorganisatie niet strikt is gerespecteerd.

O.i heeft hierbij een rol gespeeld dat de BRAS als onderdeel van Ypenburg oorspronkelijk helemaal geen Vinex-locatie was. Het valt zelfs niet binnen het zoekgebied voor woninglocaties uit de Vinex-nota. Net als de locaties Emerald en Pijnacker-Zuid bebben de gemeente Pijnacker, het stadsgewest Haaglanden en de provincie er met vereende krachten voor gezorgd dat wooninglocaties op volkomen verkeerde plaatsen zijn terechtgekomen. Tegen deze achtergrond heeft men het wijs geacht geen extra conflictstof in de ontwikkeling op te nemen en heeft men een respectabele afstand tot de Nootdorpse Plassen aangehouden.

Zie hierover als bijlage vier kaartjes die van belang zijn in verband met deze geschiedenis.

7. Advies aan de provincie: Wacht af wat het overleg tussen Den Haag en betrokkenen oplevert en geef Den Haag geen gelegenheid dit overleg te ontlopen door de contourwijziging toe te staan.

Stichting Commisse Natuur en Milieu / Initiatiefgroep Natuurbeheer in Delft

Jacques Schievink

25-8-2004

Fragment uit de Vinex-nota, 1991. Van Bebouwing van De Bras, noch van Emerald, noch van Pijnacker-Zuid, is sprake. Het zoekgebied voor verstedelijking dat in de ellips is aangegeven, betreft het gebied ten westen en ten oosten van Pijnacker.

Het stadsgewestelijk plan van 1994 bevat merkwaardig genoeg allerlei locaties (1, 2 en 3) die niet in het oorspronkelijke Vinex-programma waren opgenomen. De gemeente Pijnacker bracht deze locaties met succes naar voren toen andere Vinex-locaties traag op gang kwamen. Ook is goed te zien (zwarte pijl) dat de begrenzing van de Bras een duidelijke uitsparing te zien geeft bij de Nootdorpse Plassen.

stichting Commissie Natuur en Milieu Delft

secretariaat: Bizetstraat 23, 2625 AV Delft, tel. 015 2561141

Delft, 4 mei 2004

Onderwerp: zienswijze 1e herziening streekplan Zuid-Holland West

Aan Gedeputeerde en Provinciale Staten van de Provincie Zuid-Holland
Postbus 90602
2509 LP Den Haag

Geacht college,

In de Eerste partiële herziening van het Streekplan Zuid-Holland West 2003 doet het provinciaal bestuur o.a. het voorstel om de rode contour nabij de Nootdorpse Plassen (bestemmingsplan Ypenburg-Pijnacker) aan te passen. Ik laat u weten dat de stichting Commissie Natuur en Milieu, mede namens de Initiatiefgroep Natuurbeheer in Delft, tegen het voorstel grote bedenkingen heeft.

Omdat er in het voorstel (document 126_101203.doc dd. 30 maart 2004, kaart 11, zie hiernaast) geen onderbouwing van dit voorstel wordt gegeven anders dan het wel uiterst summiere "aanpassing aan bestaande situatie", is het onderbouwen van deze bedenkingen een hachelijke zaak, want voor de geïnteresseerde blijft verborgen welke briljante ideeën achter het voorstel schuil gaan. Vooralsnog nemen wij echter aan dat de gemeente Den Haag (met op de achtergrond de projectorganisatie Ypenburg?) zijn voornemen om de bestemming van een smalle strook aan de zuidwestkant van de "Brasserhout" te veranderen, via deze sluikse omweg alsnog probeert te realiseren.

De vraag is of deze manoeuvre een nuttig doel dient. Wij menen van niet. De gemeente Den Haag heeft immers zijn aanvankelijke besluit (in de vorm van een herziening van het bestemmingsplan) niet alleen ingetrokken wegens een massaal protest van bewoners van de Brasserhout, gemeente Delft en van belanghebbende bewoners in Delft, maar ook om beleidsmatige redenen. Wij citeren: "Het bebouwen van de kade zal leiden tot verstoring of vernietiging van de voortplantingsplaats, vaste rust- of verblijfplaats van beschermde soorten waarvoor ontheffmg in het kader van de Flora en faunawet moet worden aangevraagd. Omdat er nog te veel onduidelijkheid is over de uiteindelijke inrichting van deze zone is het nauwelijks mogelijk de gevolgen van de ontwikkelingen te onderzoeken voor de ecologische en recreatieve waarden van de kade en het aangrenzende natuurgebied. Besloten is daarom de gronden uit het bestemmingsplan Ypenburg-Pijnacker 1e herziening te verwijderen. Dat geeft de mogelijkheid om nader te onderzoeken wat de potenties zijn van het gebied en dit met natuurorganisaties te bespreken. Bovendien kan dan een uitgebreid onderzoek plaatsvinden naar de aanwezige natuur- en ecologische waarden." Noch deze onderzoeken, noch deze gesprekken hebben plaatsgevonden.

Het zou, zo voegen we er nog graag aan toe, ook wel zeer onverteerbaar zijn dat het volbouwen van De Bras, zozeer bestreden door onze groep en door het Hoogheemraadschap van Delfland, nu ook nog zou leiden tot het opsluiten en uiteindelijk teloorgaan van de Nootdorpse Plassen met zijn waardevolle houtwallen, oeverzones en plassen, en het bruskeren van de snel verworven genegenheid van vele bewoners van de Brasserhout voor het gebied.

Op basis van de hierboven geciteerde overwegingen achtte het gemeentebestuur van Den Haag onze bezwaren gegrond, maar uitgerekend niet op grond van het feit dat de te veranderen bestemming (nl. in de richting van een stedelijke functie) buiten de rode contour valt. Het voorstel om de rode contour te verplaatsen is dus niet in overeenstemming met de motivering van de gemeente Den Haag om de bestemmingsplanwijziging in te trekken.

Wij willen niet volstaan met deze argumenten tegen uw voorstel om de rode contour te verleggen. Wij doen de volgende suggesties:

  • vóórdat - eventueel - opnieuw wordt gekeken naar een mogelijke verlegging van de rode contour ter plaatse ligt het voor de hand uitvoering te geven aan de suggestie van de gemeente Den Haag om "… nader te onderzoeken wat de potenties zijn van het gebied en dit met natuurorganisaties te bespreken."
  • nog iets ambitieuzer kan het ook. Nu rond deze kwestie óók van een aanvaring sprake is tussen de gemeenten Delft en Den Haag, kan worden overwogen om in stadsgewestelijk verband een gebiedsgericht project van het hele gebied langs de Tweemolentjesvaart op te zetten, bijvoorbeeld naar het model van de Zwethzone-studie. Door het grote aantal nieuwe bewoners van Ypenburg en wellicht ook Nootdorp-Zuid is het noordelijk deel van de Delftse Hout met Nootdorpse Plassen en Hertenkamp onder grote druk komen te staan. Het provinciaal bestuur kan deze bredere beoordeling van wat het best met de recreatieve, landschappelijke en natuurlijke waarden van het gebied kan gebeuren, helpen bevorderen.

Tenslotte delen we u mee dat het ons verbaasd heeft dat het provinciaal bestuur zo kort na het vaststellen van het streekplan Zuid-Holland West (feb. 2003) al zwicht voor druk van de gemeente Den Haag om de rode contour aan te passen. Dat lijkt ons niet de beste manier om er voor te zorgen dan de rode contouren door gemeenten serieus worden genomen. Of wil de provincie het bewijs leveren dat de grotere bevoegdheden, die de minister van VROM aan de lagere overheden wil geven (de nota Ruimte), inderdaad tot onaanvaardbare resultaten zullen leiden?

Vertrouwend u van dienst geweest te zijn, tekent

Met vriendelijke groeten,

namens de stichting Commissie Natuur en Milieu,

 

L.C. van Doorn, secretaris

Reactie van de gemeente Delft

dd. 04-05-05

Geacht college,

Van 8 april tot en met 6 mei 2004 ligt het ontwerp "eerste partiële herziening streekplan Zuid-Holland West 2003" ter inzage. Graag willen we op deze partiële herziening reageren. U kunt onze reactie opvatten als een bedenking.

In de eerste partiële herziening wordt een wijziging van de rode contouren van de gemeenten Midden-Delfland, Alkemade, Den Haag en Wassenaar op enkele plekken mogelijk gemaakt. Tegen de uitbreiding van de rode contour van de gemeente Den Haag nabij de bouwlocatie Ypenburg, zoals aangeven op kaart 11 van de partiële herziening, hebben wij ernstige bezwaren.

Direct ten zuiden van de woningbouwlocatie Ypenburg ligt de Delftse Hout met de Nootdorpse plassen. De Nootdorpse plassen worden gekenmerkt door karakteristieke landschappelijke waarden voor het veengebied met kenmerken als rietkragen en houtwallen. Door de natuurwaarden is de diversiteit hoog en komen er veel soorten moerasplanten, zang- en watervogels, amfibieën en kleine zoogdieren voor in het gebied.

De strook tussen de Nootdorpse plassen en de woningbouwlocatie Ypenburg vormt een belangrijke schakel in de ecologische structuur van de gemeente Delft (Ecologieplan Delft 2004-2015), waarbij een verbinding wordt gevormd tussen het buitengebied (Polder van Nootdorp en de Polder van Biesland) en de kerngebieden Delftse Hout en Hertenkamp in Delft. De in het streekplan Zuid-Holland West getrokken rode contour vrijwaarde dit gebied van verstedelijkingsopgaven.

Naast ecologische gronden heeft de gemeente ook grote bezwaren in relatie tot recreatie. De recreatiedruk in de Hertenkamp en de Delftse Hout neemt drastisch toe als gevolg van de realisatie van Plan Ypenburg en Brasserhout. Gemeente Delft is van mening dat de druk niet nog verder verhoogd moet worden en dat juist dit gebied benut moet worden voor enerzijds een relatief afgesloten stiltegebied voor doelsoorten en anderzijds recreatief ingepast moet worden door het vergroten van het wandelnetwerk.

De deels nog aanwezige volkstuinen vormen nu een geleidelijke overgang tussen woonmilieu en recreatiegebied. Door het uitbreiden van de rode contour ten noorden van de Nootdorpse plassen wordt een stedelijke invulling van deze locatie in de toekomst mogelijk gemaakt. Hierdoor zal de belevingswaarde van het gebied afnemen.

Tevens is de zone langs de Nootdorpse Plassen opgenomen in de Groenblauwe Slinger van de provincie Zuid-Holland wat betreft het gedeelte Bieslandse Bos.

Wij achten de wijziging van de rode contour om de hierboven genoemde redenen ongewenst.

Een afschrift van deze brief hebben wij gestuurd naar het stadsgewest Haaglanden en gemeente Den Haag.

Hoogachtend,

Burgemeester en wethouders van Delft,

H.M.C.M. van Oorschot ,burgemeester.

H.G.L.M. Camps, secretaris

 


stichting Commissie Natuur en Milieu Delft

secretariaat: Bizetstraat 23, 2625 AV Delft, tel. 015 2561141, e-mail: ind@datadelft.com

Datum: 31 maart 2003

Betreft: Zienswijze naar aanleiding van de terinzagelegging van het Ontwerp-Bestemmingsplan Ypenburg-Pijnacker, 1e herziening (De Bras)

 

Aan de Gemeenteraad van de gemeente 's-Gravenhage
Postbus 19175
2500 CD Den Haag

Geacht bestuur,

In het ontwerp van bovengenoemd bestemmingsplan is opgenomen dat er een bestemming Uit te werken Woongebied (UW) aan de noordelijke rand van de Nootdorpse Plassen (Delftse Hout) gegeven wordt. Op deze strook grond kunnen dan bij zo'n vage omschrijving tal van bestemmingen tot ontwikkeling komen, bijvoorbeeld tuinen, wegen, groenvoorzieningen, parkeervoorzieningen, speelvoorzieningen, nutsvoorzieningen (w.o. afvalcontainers) maar ook bouwsels die de waterkerende functie van de kade niet nadelig beïnvloeden. (De voorschriften van het Hoogheemraadschap van Delfland houden in dat de betreffende strook grond in de eerste plaats de bestemming "primaire waterkering" heeft, een bestemming waaraan eventuele nadere, secundaire bestemmingen ondergeschikt zullen zijn).

Het bezwaar van een dergelijke bestemmingswijziging is dat de landschapsbeleving en natuurwaarden van De Nootdorpse Plassen een enorme degradatie ondergaan. Aan dit bijzondere landschapselement wordt wonderlijk genoeg in de toelichting van het onderhavige ontwerpbestemmingsplan geen woord vuil gemaakt, waardoor de verliesrekening van deze bestemmingswijziging wordt verzwegen en de afweging van belangen niet wordt getoond.

Duizenden wandelaars en natuurgenieters zullen de verdere ruimtelijke muilkorving van de Nootdorpse Plassen als een verlies ervaren, terwijl ook de fauna en flora in de houtwallen die aan het gebied grenzen, inclusief de mantel- en zoomstructuur, teloor zal gaan.

Mantel en zoom van een houtwal.

De wijziging van het ontwerp-bestemmingsplan laat weliswaar een invullling toe van "groen of recreatief", maar het biedt óók ruime mogelijkheden om met plannen van stedelijke aard dit uitzonderlijke landelijke landschapje, dat er met de komst van deel 4 (Bras) van de lokatie Ypenburg toch al niet op vooruit is gegaan, de nekslag toe te brengen.

Beter is het om de bestemming die er al jaren geldt, te handhaven, namelijk Agrarisch Landschaps- en Natuurwaarden. Deze bestemmingstitel is opgenomen in het vigerende bestemmingsplan Pijnacker buitengebied peildatum 16 juni 1976, en met die bestemming is het gebied tot op heden effectief beschermd. Wie ook maar de moeite neemt het gebied te bezoeken, zal onder de indruk raken van de boeiende ruimtelijke structuur en &endash; als men tenminste oog heeft voor de ecologische structuur en gradiënten &endash; van de natuurwaarden.

Overzicht van het complex van Nootdorpse Plassen (links) en Tweemolentjesvaart.

Handhaving van de huidige bestemming heeft bovendien een stevig formeel-bestuurlijk fundament.

We wijzen in de eerste plaats op het stedenbouwkundig plan voor het Bras-gebied uit 1994, een plan dat dit overgangsgebied niet voor niets uitzonderde van de verstedelijkingsplannen van De Bras. De gemeente Pijnacker heeft vanaf 1997 geprobeerd de bewuste strook langs de Tweemolentjesvaart aan de bouwlokatie de Bras toe te voegen, maar dat moet tegen het licht van de begrenzing van het gebied dat in het milieueffectrapport (maart 1996) wordt geanalyseerd, worden beschouwd als een achterbakse poging de natuur- en landschapswaarden zonder de 'complicaties' van een mer-discussie van de kaart te vegen &endash; een handelwijze die volkomen paste in de tactiek waarmee het Pijnackerse gemeentebestuur in de jaren '90 menig belangrijk natuurelement om zeep heeft geholpen en waarmee deze bestuurderen zich in die periode tot de risée van deze regio wisten te maken. Het lijkt ons onvoorstelbaar dat de gemeente Den Haag nu het gebied "Haags" is geworden, deze traditie zou willen voortzetten.

Voor een kaart van dit Stedenbouwkundig Plan 1994 verwijzen we naar Bijlage 1.

Een tweede formele ondersteuning van ons standpunt is te vinden in het Streekplan Zuid-Holland West, dat zeer onlangs door de provincie Zuid-Holland werd vastgesteld. De "rode" contour, die daarin werd getrokken en waartegen van de zijde van de gemeente Den Haag geen bezwaar werd gemaakt, is voor dit gebiedje bijzonder duidelijk en doet het standpunt dat provincie op 13 oktober 1998 innam (in die periode ging het toenmalige provinciaal bestuur met elke gril mee die een lokale bestuurder maar verzon) geheel teniet. Voor deze rode contour zie Bijlage 2.

Voor meer illustraties verwijzen we naar www.datadelft.com/~ind/nootdorpseplassen.htm

We vertrouwen erop dat U deze slecht gemotiveerde aantasting van natuur en leefomgeving niet wilt accepteren en de bestemmingswijziging op dit punt verontwaardigd van de hand zult wijzen.

Vertrouwend u van dienst geweest te zijn, tekent

Met vriendelijke groeten,

L.C. van Doorn, secretaris

e-mail: ind@datadelft.com

Bijlage 1

Stedenbouwkundig plan 1994

Bijlage 2

Rode contour streekplan Zuid-Holland West 2003

Reactie van de gemeente Den Haag

dd. 2 juni 2003
Regnr. DSO/2003.1228

Vaststelling Bestemmingsplan Ypenburg-Pijnacker, eerste herziening (de Bras)

Ten aanzien van deze zienswijze merken wij (gemeente Den Haag, red.) het volgende op: Het is juist dat de Nootdorpse Plassen en de rietoevers behoren tot een gebied met natuur- en landschappelijke waarden. De gronden die in deze herziening zijn opgenomen, liggen echter ten noorden van de rietoevers. Het betreft uitsluitend de kade. In de huidige situatie betreft het feitelijk grasland. Naar aanleiding van de zienswijze is een veldonderzoek uitgevoerd in het kader van de Flora- en faunawet naar de ecologische betekenis van de kade. Uit dit onderzoek is gebleken dat in het gebied diverse plantensoorten, broedvogels, amfibieën, vleermuizen en insecten voorkomen die op grond van de Flora- en faunawet beschermd zijn. Echter het betreft veelal algemeen voorkomende soorten. Overigens worden de huidige natuurwaarden enigszins beperkt door het intensieve recreatief gebruik van het gebied. Met name de broedvogels worden hierdoor beïnvloed. Echter verwacht wordt dat de voorkomende soorten wel aanwezig blijven bij een verdere intensivering van het recreatieve gebruik. Het bebouwen van de kade zal leiden tot verstoring of vernietiging van de voortplantingsplaats, vaste rust- of verblijfplaats van beschermde soorten waarvoor ontheffmg in het kader van de Flora en faunawet moet worden aangevraagd. Omdat er nog te veel onduidelijkheid is over de uiteindelijke inrichting van deze zone is het nauwelijks mogelijk de gevolgen van de ontwikkelingen te onderzoeken voor de ecologische en recreatieve waarden van de kade en het aangrenzende natuurgebied. Besloten is daarom de gronden uit het bestemmingsplan Ypenburg-Pijnacker 1e herziening te verwijderen. Dat geeft de mogelijkheid om nader te onderzoeken wat de potenties zijn van het gebied en dit met natuurorganisaties te bespreken. Bovendien kan dan een uitgebreid onderzoek plaatsvinden naar de aanwezige natuur- en ecologische waarden.

Op grond van het bovenstaande achten wij de zienswijze gegrond.

T.a.v. de rode contour:

In het vastgestelde streekplan Zuid-Holland West vallen de gronden inderdaad niet binnen de rode contour. De gebieden die in het kader van een bestemmingsplan reeds zijn aangemerkt voor stedelijke functies kunnen in overleg met de provincie alsnog binnen de rode contour worden opgenomen.

Naar aanleiding van de voorgaande zienswijze wordt de kade uit het plangebied verwijderd. De vigerende bestemming ALN blijft vooralsnog gehandhaafd.

Op grond van het bovenstaande achten wij de zienswijze ongegrond.